“Zonder dat ik het bedenk of wens, komen er altijd weer leuke dingen op mijn pad die ik niet had verwacht.”
En daar is nummer 6! Best bijzonder, we hebben elkaar nooit live ontmoet, maar zij kwam na mij in de band 'De Helden', ik heb weer eens voor haar in een bandje ingevallen, we kennen veel van dezelfde mensen en we hebben regelmatig contact op Instagram. Ze doet zoveel leuke en bijzondere dingen, dus ik was benieuwd naar haar verhaal. En zie daar: blog nummer 6!
“Zonder dat ik het bedenk of wens, komen er altijd weer leuke dingen op mijn pad die ik niet had verwacht.”
Natasja Blacquière-den Toom is geen onbekende in de muziekwereld. Een enorm getalenteerde zangeres die je kent zonder dat je het weet: ze zingt vaak reclames in en jingles voor verschillende radiostations én je hoort haar ook met regelmaat bij leaders van televisieprogramma’s. Maar je ziet haar ook voorbijkomen als backing vocal bij muziekprogramma’s zoals de Passion en bij artiesten als de Toppers, Yves Berendse, Martijn Fischer, Xander de Buisonjé, The Pianoman (van Jeroen v.d.Boom), het orkest van de Koninklijke Luchtmacht en anderen. We hebben (nog) nooit samengewerkt, maar hebben via Instagram regelmatig contact. Voor mij de reden om eens met haar te praten over haar muzikantenleven!
“Ik was inimini toen ik al aan het zingen was,” vertelt ze. “Mijn moeder was supermuzikaal en speelde dwarsfluit. Dat wilde ik ook graag, maar ik was nog te klein. Dus dan begin je zelf met blokfluit. Ik speelde ook orgel, ging uiteindelijk ook op dwarsfluitles en pianoles en toen volgde musicalles. Ik wist op de middelbare school al dat ik daarna naar het conservatorium wilde. Maar wat ik daar wilde doen, wist ik toen nog niet.”
Keuzes
“Je denkt op een andere manier als je jonger bent,” lacht ze. “Ik kwam op het punt dat ik een keuze moest gaan maken. Mijn pianoleraar toen was vrij klassiek geschoold. Het kwam niet in mij op om dan een andere pianoleraar te zoeken. Ik dacht gewoon: ‘Goed, pianoles is te klassiek, dat wordt het dus niet.’ Dwarsfluit vond ik dan toch net niet leuk genoeg. Ik zong al in een schoolbandje, ben in mijn eindexamenjaar op zangles gegaan en heb toen auditie gedaan. Het conservatorium in Utrecht is het toen geworden.”
Natasja rolde van het één in het ander, zoals dat eigenlijk altijd wel gaat. “Al in het eerste jaar van het conservatorium kwam ik erachter dat dit écht mijn vak is. Alleen had ik wel het idee dat je heel beroemd moest zijn om van de muziek te kunnen leven. Toen ontdekte ik dat je ook in coverbands kon gaan zingen of les kon gaan geven.”
Jingles en backing vocals
Via een collega kwam ze in de wereld van jingles terecht. “Tegenwoordig is het inzingen van jingles veel minimalistischer en individualistischer, maar toentertijd zong je nog vaak samen met anderen jingles in. Zo leerde ik Roger Happel kennen. Via hem kreeg ik een invalklus als achtergrondzangeres bij het programma ‘Strictly come dancing’. Zo kwam ik weer bij Eric van Tijn terecht en via hem heb ik veel bij televisie gezongen.”
Artiest-ambitie
Natasja heeft niet de behoefte om beroemd te worden, ze heeft geen ‘artiest-ambitie’, zoals ze dat zelf noemt. “Lead zingen vind ik superleuk, maar als leading artiest heb je echt een eigenschap nodig: ‘Zo wil ik het, zo doen we het, volg mij’. Zo ben ik niet. Als docent wel, dan kan ik leiderschap prima op me nemen, maar dan is het voor het grotere geheel. Als het in mijn eigenbelang zou zijn, moet dat van heel ver komen. Daar zou ik me niet prettig bij voelen.”
Afwisseling
Natasja heeft het lekker druk. Ze heeft veel optredens, in haar thuisstudio zingt ze ook vaak jingles in en ze geeft les op Codarts, de kunstvakhogeschool in Rotterdam. “In de Corona-tijd ontplofte mijn thuisstudio echt. Dat werkte gewoon heel goed. Ik gaf toen ook nog les op het conservatorium in Enschede en bij Codarts. Optredens hadden we natuurlijk niet, maar op deze manier kon ik gelukkig nog steeds bezig zijn met mijn vak. Dat was heel fijn.”
Inmiddels zijn de optredens ook alweer geruime tijd in volle gang. “Ik doe heel veel verschillende dingen, maar juist dát vind ik zo leuk. Als ik zou moeten kiezen voor één iets, zou ik dat niet kunnen. De variatie en afwisseling maken het gewoon geweldig, het in de muziekwereld zijn vind ik zo fijn.”
Het mooiste project
Samen met haar man, gitarist Clemens Blacquière, speelt ze regelmatig in dezelfde projecten. “We spelen allebei met Yves Berendse en het is echt gezellig om dat samen te doen. Samen in de auto, lekker kletsen, genieten van elkaars muziek, even een blik met elkaar wisselen op het podium.” Maar hun mooiste project is toch wel zoontje Manuel van bijna 1,5 jaar.
“Dat verandert natuurlijk veel. We genieten enorm van hem,” vertelt ze. “Toch vraagt het natuurlijk wel wat meer van ons qua organisatie. We kunnen niet meer zomaar elke klus aannemen, dat moet in overleg. Gelukkig gaat dat goed en hebben we ook heel fijne betrouwbare opvang voor hem, waardoor we nog heel veel kunnen doen. Maar uiteraard gebeurt het ook wel eens dat ik tóch een invaller moet regelen voor een klus, omdat ik er dan voor Manuel moet en wil zijn. Andersom gebeurt dat ook en dan blijft Clé bij hem. De Toppers deden we bijvoorbeeld altijd samen. Dat is alleen enorm veel werk en het zijn lange dagen. Toen heeft Clemens gezegd: ‘Doe jij dat maar, ik zorg voor Manuel.’”
Ambitie
Als je Natasja volgt op social media, dan zie je hoeveel verschillende dingen ze doet en hoe positief ze altijd is. “Ik ben ook wel eens onzeker hoor,” zegt ze eerlijk. “Als het eens twee weken iets rustiger is, dan schiet ik ook wel eens in de stress: ‘Oh jee, gaat het wel goed? Komt er wel weer werk binnen? Is dit het begin van het eind van mijn carrière?’ In mijn hoofd heb ik dan al gesolliciteerd bij Albert Heijn. Maar het grappige is dat er dan altijd wel weer iets nieuws op mijn pad komt, zonder dat ik dat bedacht of gewenst had. Mijn ambitie is dan ook vooral dat ik lekker kan blijven doen wat ik nu doe. Ik doe het gewoon zo ontzettend graag. Het is niet alleen mijn werk, het is echt mijn passie.”
Maak jouw eigen website met JouwWeb